Onder de Oegandese zon Nu ik hier in Oeganda dit weblog schrijf, is Nederland in de ban van de vrieskou. Niemand verwachtte het nog na zo'n zacht begin van de winter. Onder de Oegandese zon valt het al helemaal niet voor te stellen. Het is hier nu 'droge tijd'. De temperatuur loopt soms op tot veertig graden, er is vrijwel geen neerslag en het waait hard.
Na drie jaar opbouwen mag ik nu onze dochtergemeenschap in Ssanje weer terug geven aan zichzelf. De communiteit gaat nu zelf verder en daar heb ik ook alle vertrouwen in. Een laatste officiële handeling als overste was voor mij het inkleden van een postulant in het habijt van onze orde en hem aan het noviciaat laten beginnen.
Wat mij van dit bezoek zal bijblijven is de daadwerkelijke armoede van onze broeders. Op zich genomen was dit geen nieuws, maar op de een of andere manier heeft het mij nu sterker geraakt dan anders. Ik heb het eens uitgerekend. Iedere monnik moet per dag leven van € 1,50. Er zijn nu twintig broeders in de gemeenschap en dat betekent dus dat er per dag € 30,00 te besteden is voor iedereen. De wereldwijde economische crisis zorgt in Oeganda voor extra hoge prijzen, vooral voor rijst, suiker, brood en benzine. Gelukkig komen veel groenten en fruit uit eigen tuin.
De broeders nemen hun armoede zoals het is en voelen zich daarbij oprecht verbonden met de lokale bevolking die ook veel moeite heeft om het hoofd boven water te houden. Voor veel ouders is het schoolgeld een groot probleem. In de buurt van het klooster ligt een lagere school die beheerd wordt door de parochie. Er staan officieel honderd kinderen ingeschreven, maar deze week zijn er slechts zestig komen opdagen. Veertig leerlingen moesten afhaken vanwege het schoolgeld.
De armoedebeleving kreeg voor mij ook een heel nieuwe kant. We zijn gewoon om op het feest van Maria Lichtmis een kaarsjesprocessie te houden. Ik heb dat altijd een van de mooie liturgische momenten gevonden. Maar wat doe je als je geen geld hebt om voor iedereen een kaars te kopen? De broeders hadden drie kaarsen en daarmee trokken we door het kloosterpand. Er waren veel mensen uit de omgeving gekomen voor de viering. De kinderen genoten met volle teugen van die drie kaarsen. Ze mochten ze één voor één vasthouden. Ze vochten er gewoon om. Waarom? De voorganger had verteld dat die kaarsjes symbool stonden voor Jezus. Nou, en die kans wilden ze niet missen. Ze wilden allemaal wel Jezus vasthouden. Dat enthousiasme en het geloof van kinderen doet je dan al het andere vergeten ...
Gepubliceerd op 04-02-2012
Licht in het duister In deze donkere dagen vieren we het feest van de geboorte van Jezus. Johannes de evangelist zegt over dat gebeuren: "Het ware licht dat iedere mens verlicht kwam in de wereld!" In Jezus krijgen wij de kans om het licht te zien dat zo nodig is om op ons levenspad verder te gaan. Het kan soms duister zijn om welke reden dan ook. Volgens Sint Bernardus is er een tweevoudig effect van Jezus, het ware licht. Het eerste effect is dat wij in dit licht de goedheid van God mogen zien. In het leven van Jezus mogen we zien hoeveel God om ons geeft. Het tweede effect is dat wij in Jezus de waarheid mogen zien. Het is de waarheid over ons zelf maar ook over de wereld en de kerk waarin wij leven. Kijkend in het licht van Jezus zien we licht.
Op dit moment wordt onze kerkgemeenschap geconfronteerd met een geweldige duisternis. We schamen ons diep over het grote onrecht dat kleinen en kwetsbaren is aangedaan. Wanneer wij als gelovigen dit jaar rond de kerststal staan, kan het niet anders dan dat ons oog valt op het Kind in de kribbe. Kijkend naar dat Kind zien we het licht van goedheid maar ook van waarheid. De waarheid van dat Kind doet ons het hoofd buigen en zal ons aansporen om alles wat verkeerd gedaan is grootmoedig goed te maken. "In uw licht zien we licht!" (psalm 36).
De broeders van Koningshoeven wensen u allen een Zalig Kerstfeest toe en een Gezegend Nieuwjaar! Laten wij in het licht van Jezus de goedheid en de waarheid blijven zien zodat ons eigen leven en dat van kerk en wereld iets minder duister mag worden!
(Foto: kerstkaart abdij Koningshoeven, Marc Mulders)
Gepubliceerd op 23-12-2011
Abtszegening in Tsjechië Maandag mocht ik samen met broeder Wigbert aanwezig zijn bij de abtszegening van Dom Samuel Laras, de pas gekozen abt van het trappistenklooster Novy Dvur in Tsjechië. Het was niet voor het eerst dat ik een abtszegening bijwoonde, maar wel de eerste keer dat dit gebeurde in een pas opgerichte abdij. Het generaal kapittel van de orde, oktober dit jaar in Assisi, had deze Tsjechische gemeenschap, gesticht in 2002, tot zelfstandige abdij verheven. Het gevolg van die beslissing was dat de gemeenschap de eerste abt kon kiezen.
Het stichtingsverhaal van deze abdij is indrukwekkend. Na de val van de Berlijnse Muur in 1989 trok een aantal Tsjechische jonge mannen naar het Franse trappistenklooster Sept-Fons om monnik te worden. Zij hadden over het trappistenleven gelezen tijdens de communistische onderdrukking maar konden hun verlangen om trappist te worden niet verwezenlijken. De gemeenschap van Sept-Fons nam hen op, maar in eerste instantie niet met de bedoeling om een nieuw klooster in Tsjechië te stichten. Uiteindelijk is dat wel gebeurd.
De broeders hebben hun intrek genomen in een vervallen hoeve die ooit eigendom was van de norbertijnen. Het bisdom Pilzen heeft hen met open armen verwelkomd, want het gebied waarin de abdij ligt behoort tot de armste en tegelijkertijd meest geseculariseerde streken van het land. In tien jaar tijd hebben deze enthousiaste jonge monniken een werkelijk schitterende abdij neergezet. Een Engelse architect heeft een gebouw ontworpen dat zeer eenvoudig is en tot stilte dwingt. Met behulp van veel weldoeners over heel de wereld, ook velen uit Nederland, hebben zij dit kunnen realiseren. Tijdens de abtszegening raakte ik onder de indruk van de offers die deze jonge Tsjechen hebben moeten brengen om trappist te kunnen worden. Zij kunnen een traditie voortzetten van monastiek leven die het communistische regime volledig verwoest had. Een vervolgde kerk komt weer tot leven! Een reden om echt dankbaar voor te zijn.
Klik hier voor de website van de abdij (ook in het Nederlands!).
Gepubliceerd op 14-12-2011
Vrijwilligers, bedankt!
 De afgelopen tijd is de abdij weer veel in het nieuws geweest! De opening van de geweldige tentoonstelling van Marc Mulders en Claudy Jongstra (nog te zien tot en met 14 januari 2012), de geslaagde ontmoeting tussen monniken en enkele moslimjongeren, de 'Nacht van de dialoog' en de hype rond het al dan niet opraken van ons bier. Het is natuurlijk geweldig al die aandacht en vooral de positieve reacties geven het gevoel dat we als abdijgemeenschap goed bezig zijn. Op dat soort momenten word ik mij ervan bewust dat wij als monniken er natuurlijk niet alleen voor zorgen dat Koningshoeven een plaats van ontmoeting kan zijn. Wat zou onze brouwerij zijn zonder de inzet van de werknemers? Wat zouden de tuinen rondom de abdij niet zijn zonder de zorg en aandacht van de mensen van de kwekerij en de Diamant-groep? Wat zou ons gastenhuis zijn zonder de vaak onzichtbare aanwezigheid van de huishoudelijke dienst? En wat te denken van de technische dienst die momenteel onze binnentuin aan het renoveren is?
Maar er zijn meer mensen die heel veel tijd en energie aan ons besteden. Zo krijgen we ondersteuning in de bibliotheek, op het archief, in de kleermakerij, de bakkerij en vooral in de kloosterwinkel. Iedereen die onze kloosterwinkel heeft bezocht, weet dat het er soms heel druk kan zijn en dan is het voor onze vrijwilligers hard werken. We vernemen alleen maar positieve geluiden over hen omdat ze niet alleen achter de kassa staan maar ook vragen van het winkelend publiek beantwoorden. Het zijn echt onze ambassadeurs en daarvoor kunnen we ze niet genoeg in het zonnetje zetten. Als het zo goed gaat met de abdij is dat dus niet alleen de verdienste van de broeders maar ook en vooral door zoveel liefdevolle mensen die hun tijd vrijwillig aan ons geven. We voelen ons echt rijk en gezegend! In deze feestmaand is het goed om hen eens openlijk het geschenk van onze dank te geven!
Gepubliceerd op 29-11-2011
Bezield door eenzelfde zoeken naar God In een toespraak tot de moslimgemeenschap tijdens zijn bezoek aan Duitsland, wees paus Benedictus XVI op de noodzaak aan het ontwikkelen van wederzijds begrip tussen moslims en christenen. "Dat is niet alleen belangrijk voor een vreedzaam samenleven, maar ook voor de bijdragen die ieder kan leveren aan de opbouw van het algemeen welzijn in deze samenleving", sprak hij. En de paus voegde er aan toe: "Veel moslims hechten sterk aan de religieuze dimensie van het leven. Dat wordt soms als provocatie opgevat in een samenleving die ertoe neigt dit aspect te marginaliseren of hoogstens te laten gelden op het terrein van privékeuzes van het individu."
Deze woorden van Benedictus XVI kwamen in mij op tijdens een ontmoeting met enkele moslimjongeren in onze abdij, afgelopen weekend. Een ontmoeting in het gewone leven is van groot belang om tot een inhoudelijke dialoog te komen. Het was spannend, want ik moet eerlijk bekennen dat ik nog tot een generatie behoor die opgegroeid is in een volledig katholieke cultuur. Ik weet nog goed dat ik pas in het klooster de eerste protestant ontmoette. Het was een jongerengroep van Youth for Christ. Ik had er nog nooit van gehoord en wat wist ik van protestanten? Het was een hele openbaring! Ditzelfde gevoel overviel mij na vijfentwintig jaar kloosterleven opnieuw. Ondertussen heb ik wel moslims ontmoet maar toch vooral in een context buiten Nederland.
Diezelfde spanning ontmoette ik bij de binnenkomst van de deelnemers. Het was een klein groepje, maar welk zaadje is niet klein begonnen en uitgegroeid tot iets groots en moois? Voor de moslimjongeren was de ontmoeting met een monnik ongetwijfeld een vreemde ervaring, en dan ook nog eens in een imposant klooster als het onze. Dankzij de organisatie hing er een ongedwongen sfeer en waren de verwachtingen niet al te hoog gespannen. Aan de hand van enkele filmfragmenten uit de aangrijpende film 'Des hommes et des dieux (over trappisten in Tibherine, Algerije) deelden wij met elkaar, monniken en jongeren, wat geloof voor ons betekent. Ik werd getroffen door het diepe Godsgeloof van deze jongeren en hun besef geschapen te zijn. Een jongere die pas moslim was geworden zei: "Geloven is voor mij een levenswijze." Het deed mij denken aan het woord van Paulus dat onze monnikenvaders zo graag herhaalden: "Christus is mijn leven!". Tijdens een wandeling op een zonnige herfstmorgen hebben we daar twee aan twee over gesproken. Geloven moet zich uiten in een gemeenschap van mensen en in allerlei vormen. Ik voelde een diepe verwantschap. De prior van de broeders in Tibherine, Christian de Chergé, heeft eens gezegd: "Een dialoog veronderstelt een uit zichzelf treden, een 'exodus', naar de ander toe, in het geloof dat de ander ook bezield wordt door eenzelfde zoeken naar God." Ditzelfde zoeken naar God was tastbaar in deze dagen en zal mij lang bij blijven.
Gepubliceerd op 24-10-2011
> naar boven
|